In buurthuis het Middelpunt in Zielhorst is Hilde Sportel druk in de weer. Terwijl ze door de ruimte loopt, houdt ze een telefoontje gaande. Op haar vest prijkt een naamsticker in grote letters: Hilde. Aan de lijn heeft ze iemand die zich niet lekker voelt. Ze checkt bezorgd of het alweer wat beter gaat, geeft het dringende advies om even te gaan zitten en de huisarts te bellen. Die woont nogal een eindje verderop, dus Hilde biedt aan om straks te taxiën.
Koos, haar man, zit ontspannen op een stoel en vangt flarden van het gesprek op. Met een knik naar Hilde zegt hij: “Dat is mijn meissie, hoor.” Koos is, net als zijn Hilde, ook lid van het seniorenkoor en is zo ongeveer de enige haan in het grote kippenhok, zo zegt hij zelf.
Hilde is gastvrouw bij het Middelpunt. Ze woont in de buurt. Ze is ook een enthousiast lid en penningmeester van het Middelpuntkoor: een gemengd seniorenkoor voor mensen uit de omgeving. Iedere donderdagmiddag, ook in vakanties, repeteren ze met pianist en dirigent.
Hilde is vroeg met pensioen gegaan. Ze werkte in de commerciële dienstverlening kreeg daar een hartinfarct. Achter de geraniums zitten wil ze niet, na een jaar afgekeurd te zijn, meldde ze zich aan bij de slachtofferhulp via een advertentie uit de krant. Dat is wonderwel heel goed uitgepakt. Ze heeft er vijftien jaar gewerkt. Toen ze ‘te vol’ was, zo omschrijft Hilde, is ze bij het buurthuis terecht gekomen. Hier werkt ze inmiddels ook zeven jaar.
Hilde wilde altijd graag zingen. Vroeger mocht dat niet thuis. Ze mocht niet te hard zingen en het werd als onbelangrijk beschouwd. Ze heeft dat behoorlijk lang met zich meegedragen; het gevoel dat ze het niet goed deed, dat zingen. Dat terwijl ze wel een goede stem heeft en ze dat ook wist van zichzelf. Dit koor is de plek waar ze voor het eerst echt haar stem laat horen. En voor solo’s draait ze haar hand niet om.
Als ik haar vraag wat er met haar gebeurt tijdens een repetitie, zweven haar handen even boven de tafel en valt haar vlotte babbel stil. “Dit… pfffft… rust. Terwijl het soms echt hard werken is hoor! Je moet soms ook flink oefenen.”
Het Middelpuntkoor treedt ook op. Zo zingen ze met Zingen-houdt-je jong uit Woudenberg en geven ze een uitvoering in het eigen buurthuis. Met kerst zijn ze vast onderdeel van de dienst in een kerk. Optreden is het mooiste, vindt Hilde. “We hebben volgende week ook een generale repetitie. Nou dat loopt gewoon gierend uit de klauwen. Dat hoort erbij hè.”
Hilde heeft een rijk sociaal en vol leven. Ze heeft veel hobby’s en clubjes. Als er geen clubje voor is, dan richt ze deze zelf op. Toch hecht ze veel waarde aan de koorgroep. Ze helpen elkaar waar nodig, in bijvoorbeeld het durven solo zingen, of persoonlijke omstandigheden. Alles wordt gedeeld, zowel leuke, als nare dingen. Ze vertelt over een vrouw die recent haar man was verloren. Zij kwam al na een week weer naar de repetitie. “Als ik eraan terugdenk, krijg ik er weer kippenvel van. Dan kwam er geen noot uit, maar de groep was er voor haar.”
Een hand op een schouder, en tranen mogen gelaten worden. “Als je eenmaal in zo’n groep zit, dan zit je veilig”, stelt Hilde. “We vragen naar elkaar, je kan zijn wie je bent en we houden elkaar in de gaten. Veel mensen zijn ook maar alleen. Vooral in de vakanties als de kinderen en kleinkinderen allemaal weg zijn. Dan is de repetitie op donderdag iets om echt naar uit te kijken. Die dag kunnen we ergens heen!”
Iedereen uit de omgeving is welkom bij het koor, er is geen stemtest. “Het is jammer dat er zo gediscrimineerd wordt. Wij hebben hier professionele sopranen, die nergens anders in een koor terecht konden vanwege hun hogere leeftijd.” Er zijn ook mensen in grote rolstoelen, met rollators, stokken. Er zijn kosten verbonden aan de deelname.
“We hebben wel altijd rekening gehouden met mensen die een laag inkomen hebben”, vervolgt Hilde. “Een groot aantal leden is weduwe en zij hebben misschien maar klein nabestaandenpensioen”. Gelukkig krijgen ze subsidie van de gemeente. Dat voldeed, omdat de pianist en de dirigent werkten voor een habbekrats. Helaas is de pianist overleden. De nieuwe pianist vraagt, terecht, een salaris conform opleiding. Het koor hoopt er financieel uit te kunnen komen met de gemeente.