Er staat één stoel te weinig. “Er zijn er een paar zijn gesneuveld.” Uit de kamer ernaast (“het gore hok”) wordt een redelijke bureaustoel geplukt. De deur wordt snel weer dicht gedaan. Welkom in het oefenhok van Barfbag: een band van vijf jongens van 17 en 18 jaar, die punk, facepaint en vriendschap combineren tot iets wat verrassend goed werkt. Hier maken ze muziek, herrie, plannen en heel veel lol.

Begonnen als grap

Guus en Tibbe zaten tijdens een geschiedenisles lijstjes te maken van bands met belachelijke namen. Niet veel later verzonnen ze zelf een naam: Barfbag. Geis ving het gesprek op en haakte aan. Een band was geboren, zonder instrumenten, zonder plan, maar met een hoop enthousiasme.
Pas toen de SchoolBandBattle langskwam bij hun school ’t Hooghe Land, begon het serieus te worden. Ze wilden meedoen. Voor één nummer hadden ze twee gitaren nodig, dus Geis hing zijn basgitaar aan de wilgen om eerste gitarist te worden. Milan – die nog nooit een instrument had aangeraakt – plukte die bas er weer van af. “Ik wilde altijd al iets met muziek doen. Dit was het perfecte moment.”

Van niks naar alles (en een bakkerijbaan)

“Ik speelde wel een beetje gitaar,” zegt Guus. “Maar niet fanatiek.” Tibbe roept: “Ik deed echt helemaal niks. Alleen house luisteren.” Nu speelt hij alles wat los en vast zit, mixt hun tracks en heeft thuis een studio gebouwd. Betaald van zijn bijbaan bij de bakker. 
Ook zangles kwam erbij. “Een stem is gevoelig spul,” zegt Guus. “Daar moet je mee leren omgaan.” En ook Geis ontdekte wat les kan doen: “Ik haakte af bij de noten, maar toen ik akkoorden mocht leren, viel alles op z’n plek.”

Geen auditie, gewoon vrienden

“Iedereen is erbij gekomen omdat iemand iemand kende,” zegt Geis. “We zijn echt vrienden.” Tibbe vat het droog samen: “Het had ook een stuk slechter kunnen uitpakken.” De sfeer is los, maar de band is hecht. “Zonder de band hadden we waarschijnlijk niet zoveel contact meer gehad met elkaar.”

Bek Vol Beschuit (en andere nachtelijke creaties)

Hun eerste ‘hit’? Bek Vol Beschuit. Een vaag, hilarisch punknummer, geschreven om 2:30 ‘s nachts met te veel bier. “Begonnen op Guus’ laptop, doorgeschoven naar Geis, afgemixt op Tibbe’s laptop,” zeggen ze. “Dat gaan we volgende keer anders doen.”
Inmiddels schrijven ze nieuwe nummers die wat serieuzer klinken, al blijft de lol erin. “We willen een EP maken. Twee nummers zijn af. We nemen alles zelf op. Tibbe kan dat nu echt goed.”

 

‘Zonder SchoolBandBattle bestond Barfbag waarschijnlijk niet’

 

Repeteren

Een typische repetitie: Guus eet chips, Milan komt te laat, Tibbe is te vroeg. Als Geis appt dat hij vertraagd is, besluit de rest óók te laat te komen. Maar als ze eenmaal starten, zijn ze productiever dan ooit. “Vroeger waren we snel afgeleid,” zegt Tibbe. “Nu weten we wat we willen maken en hebben we een doel.”

Optreden is het leukste. “Solo’s zijn nog spannend, maar wel tof.” En fouten? “Gewoon doorspelen. We wijzen nooit. We luisteren naar elkaar. Daarom hebben we ook nooit ruzie.”

Een band met toekomst

Na school? Guus: “We gaan sowieso door.” Milan had plannen voor Groningen, maar kiest nu voor een tussenjaar. “Dan kan ik blijven spelen.” Tibbe grapt: “We verlengen gewoon ons contract.”
Ze dromen van een uitverkochte zaal in FLUOR. Lowlands wordt even genoemd. “Alleen voor de publiciteit dan, hè.” Ze zien zichzelf vooral als band die dicht op het publiek wil spelen. Maar het gaat hen vooral om het samen spelen en het plezier. Dát is wat telt.

En zonder die SchoolBandBattle?

“Dan bestond Barfbag waarschijnlijk niet,” zegt Milan. “En hadden we nooit zo veel met muziek gedaan.” Ze zijn het er unaniem over eens: dat soort initiatieven maken iets los. Je begint voor de lol en voor je het weet, ben je een band.”