Kies je cursus
Extra Doorloop Urban Dance Event (C) Henry Krul (7)

Juliëtte van Capelleveen

‘Muziek heeft iets magisch’

Achtergrond
• Juliëtte studeerde piano bij Jacques Hendriks en Arthur Hartong aan het Conservatorium in Arnhem.
• Sinds 1992 geeft ze pianoles bij Scholen in de Kunst.
• Behalve piano speelt Juliëtte altsaxofoon. Met een Amsterdamse muziektheaterband treedt ze op voor achterstandsscholen en buurtfestivals.
• Juliëtte verdiept zich in methodiek en leert hoe ze elementen uit de Kodály methode kan integreren in de instrumentale les.

Als docent
‘Ik zie mijzelf als sturend, ik onderzoek welke muziek de leerling leuk vindt en wil spelen. Hoewel ik op deze manier dus vaak niet met een vaste methode werk, heb ik wel een lijn in gedachte die voor een bepaalde leerling nodig is om zich specifieke technische en muzikale vaardigheden eigen te maken. Vroeger had ik een patroon in mijn hoofd: als je vier jaar speelt, moet je daar en daar zijn. Daar ben ik gelukkig vanaf, iedereen werkt in zijn eigen tempo. Dat geeft veel rust!’

Methode
‘De laatste jaren ben ik me gaan verdiepen in elementen van de Kodály methode, dat heeft me veel energie en nieuwe impulsen gegeven. Creatief omgaan met het materiaal, bij jonge kinderen niet werken met boeken, maar met losse liedjes. We hebben een liedje, we maken er tekst en bewegingen bij, die we uitvoeren terwijl we het liedje zingen en zo verankert het zich in het geheugen. Alle elementen die nodig zijn om het liedje te kunnen spelen oefen je zo op een speelse manier. Als we dan achter de piano zitten is alles al gekend.’

Repertoire
‘Als mijn leerlingen verder zijn, komen ze met eigen stukken. Op een bepaalde leeftijd willen ze bijna allemaal zingen en popnummers begeleiden. Geweldig, zonder gêne, dat ontroert me. Juist het je kunnen uiten is waar ik het voor doe. Op dit moment spelen ze bijvoorbeeld allemaal Yann Tiersen en Einaudi, van die simpele minimal-achtige muziek - pubers vinden dat heerlijk, lekker motorisch, blijven hangen op akkoorden. Op een gegeven moment zien ze de beperking en sluis ik er weer wat Chopin tussendoor. Zo probeer ik de puberteit te overbruggen. Daarna gaan we hard aan de slag met het 'echte werk', zodat ze een goede basis hebben als ze na de middelbare school gaan studeren.’

Studeren
‘In de beginfase zijn ouders belangrijk, ze moeten liefst een vast moment op de dag kiezen en mee studeren. Je hoeft er niet altijd naast te zitten, maar wel in buurt, zodat je kan zeggen: “Dat klonk leuk, doe dat nog eens.” Vooral ondersteunend en niet corrigerend. Vroeger verwachtte ik dat mijn leerlingen thuis veel studeerden en was ik chagrijnig als het tegenviel. Dat heb ik losgelaten. Ik werk gewoon keihard in de les en dan zie ik wel. Soms hebben ze het gewoon heel druk, of geen zin. Toen ik thuis een zoon met een instrument had, zag ik pas hoe dat ging. Dan waren we een weekend weg en was de week alweer voorbij. Maar als het bij een leerling structureel wordt, dan zeg ik wel dat het misschien tijd is om iets anders te doen.’

Geluksmomentjes…
‘Als ik zelf heel geïnspireerd ben en een leerling voelt dat, waardoor een enorme creatieve werklust ontstaat. Of juist andersom, als een leerling heel geïnspireerd is. Dan heeft muziek iets magisch.’