Verder leren dansen, 6 - 7 jaar

Verder leren dansen, 6 - 7 jaar

In deze cursus is veel ruimte voor fantasie, dansexpressie en improvisatie. Met jouw unieke dans trek jij de aandacht van het publiek.


In de les werk je aan een goede lichaamshouding. Om dit goed te oefenen, doe je grondoefeningen. Ook leer je je benen en armen tegelijk te bewegen en dat is best moeilijk! We besteden in de les veel aandacht aan ritmegevoel, richting en muziek. Je danst op verschillende soorten muziek en de juf maakt gebruik van instrumenten. Deze cursus is het vervolg op Leren dansen.

Aanbod > Verder leren dansen, 6 - 7 jaar

Docenten voor deze cursus

Anouk van Deursen

Nina van Driel

Nelse Van Heurck

Odilia Meekes

Anouk van Deursen

‘Een middel om tot bloei te komen’

Achtergrond 
• Anouk is zelf als leerling op de Scholen in de Kunst begonnen. Na 2 jaar MBO dans als vooropleiding volgde ze de opleiding Docent Dans bij ArtEZ in Arnhem en studeerde in 2016 af.
• Sinds 2016 geeft ze kleuter en kinderdans bij Scholen in de Kunst. Daarnaast geeft ze ook projecten in het basis- en voorgezet onderwijs.
• Anouk geeft les op Amsterdamse basisscholen, op dansscholen en ze heeft net de opleiding voor taal- en rekendans docent afgerond.

Als docent
‘Ik ben van nature rustig. De sfeer in mijn lessen is gemoedelijk, gezellig en ik houd wel van grapjes maken. De rust is de basis van mijn les, van daaruit kan ik leerlingen prikkelen. Wat ik wil als docent? Dat mijn leerlingen genieten! Ik wil ze het gevoel van vrijheid laten ervaren, dat dansen je kan geven. Dansen als middel om te verdwijnen in het moment, even in het hier-en-nu.’

De les
‘Natuurlijk krijgen mijn leerlingen techniek aangeleerd, maar altijd vanuit vrijheid. Ik heb technische doelen - wat ik wil dat ze als groep bereiken binnen een jaar, maar het gaat vooral om de stapjes in de eigen ontwikkeling. Jezelf zijn en van daaruit dingen laten zien – niet alleen maar presteren. Ik ben niet streng en ik wil ook vooral niet dat ze mij alleen maar na doen met pasjes – ik laat ze spelenderwijs veel zelf ontdekken en creëren.’

Geluksmomentjes…
‘Kinderen die openbloeien… Soms komt bijvoorbeeld een meisje binnen, aarzelend, niet lekker in haar vel. De eerste les praat ze niet en komt ze niet van haar plek. En dan langzaam, als de lessen vorderen en als ik haar laat en de tijd geef, beweegt ze mee en gaat ze contact maken. Tegen het eind van de cursus fladdert ze door de zaal. Zo mooi, dan is dans een middel om tot bloei te komen, zonder dat ik er veel voor heb hoeven te doen.’



Nina van Driel

‘Ik vraag de leerlingen mee te denken’

Achtergrond
• Nina rondde de opleiding Sociaal Pedagogisch Werk af en ging daarna naar de dansacademie in Tilburg. Daar studeerde ze in 2009 af als docent dans.
• Sinds 2010 geeft Nina les bij Scholen in de Kunst.
• Ze geeft vooral danscursussen voor kinderen van drie tot en met twaalf jaar. Daarnaast heeft ze bij Scholen in de Kunst ook volwassenengroepen dansconditie, waarin ze een mix van dansstijlen verwerkt.
• Nina is vakdocent dans op verschillende basisscholen, ze doceert op de theaterschool en geeft losse workshops 

Als docent
‘Tijdens mijn studie Sociaal Pedagogisch Werk ontdekte ik hoe leuk het was les te geven aan kinderen. Dat wilde ik combineren met dans, omdat ik zelf zo genoot van dansen. Hoe ben ik als juf? Ik denk dat ik oog heb voor de groep, maar ook voor het individu. Ik ga graag in op de belevingswereld van kinderen, ik richt me op hun ontwikkelingsniveau en ik ben een juf van meer dan alleen maar pasjes en techniek. Belangrijkere elementen in mijn les zijn groepsdynamiek, durven presenteren, eigen fantasie en plezier. En ik vind het belangrijk een veilige sfeer te creëren, waarin iedereen zich gezien voelt.’   

Werken met tegenstellingen
‘De dansdocenten van Scholen in de Kunst werken met een gezamenlijk lesplan, gekoppeld aan leeftijden. Dat is ook bij mij de rode draad, zo hebben kinderen een doorlopende leerlijn. In mijn lessen ligt de nadruk daarbij niet zozeer op het technische aspect van dans. Ik benader oefeningen liefst anders. Wanneer ik leerlingen bij klassiek ballet een tendu aanleer, zeg ik niet: “Draai je been uit, gebruik je bovenbeenspieren, strek je voeten.” Alleen focussen op de beweging van je benen is niet genoeg om die beweging ook echt te begrijpen en uit te voeren. In elk geval niet bij kinderen. Dus heb ik het over Pinokkio met hele rechte houten benen en over een andere pop die juist heel slap beweegt. Ik geloof sterk in het werken met tegenstellingen. Als je voelt hoe het werkt om slap te bewegen, dan weet je ook hoe het strak en recht kan.’ 

Lesopbouw
‘We beginnen met een warming up, om in de danssfeer te komen. Lekker rennen, huppelen - verplaatsende bewegingen door de hele ruimte. Daarna geef ik juist oefeningen voor scherpte en concentratie en doen we sprongen over de diagonaal. Het laatste deel zijn de leerlingen altijd creatief bezig, met hun fantasie, in groepjes, soms met materialen als linten en stokken. Elke les heeft een fantasierijk thema, bijvoorbeeld ‘buiten spelen’, dan verwerk ik het gevoel van de schommel of de achtbaan in de bewegingen en ik vraag de leerlingen mee te denken. Eens in de twee jaar hebben we met alle dansgroepen een grote voorstelling. In dat jaar train ik ook bij de allerkleinsten het dansgeheugen, zodat ze een reeks dansbewegingen kunnen maken zonder dat ze mij alleen maar nadoen.’ 

Geluksmomentjes…
‘Als de les die ik thuis gemaakt heb - in m’n eentje aan mijn tafeltje, goed aansluit bij de kinderen. En natuurlijk als ik zie dat de kinderen echt plezier hebben bij het dansen.’ 

Nelse Van Heurck

‘Bewegen vanuit vrijheid’ Achtergrond
• Nelse volgde de havo voor muziek en dans bij Codarts Rotterdam.
• Ze is afgestudeerd als dansdocent bij het CIOS in Haarlem.
• Sinds 1 september 2011 is ze als dansdocent verbonden aan Scholen in de Kunst. Ze geeft ook les op scholen in Amersfoort.
• Als zelfstandige leidt ze onder meer cursussen en workshops voor ouderen in zorginstellingen en mensen met een lichamelijke of geestelijke beperking.
• Ze is actief als danser en maker in onder meer producties voor straattheater.

Als docent
‘Ik ben breed georiënteerd, ik heb leerlingen van 2 tot 93 jaar en ik geef zowel klassiek ballet als moderne dans. In mijn kinder- en jongerengroepen kijk ik vooral naar de dansidentiteit van een kind. Iedereen heeft een eigen dansvocabulaire, dat kan groter en kleiner zijn, maar iedereen beweegt vanuit zijn intrinsieke beleving. Dat wil ik als juf stimuleren. Ik verwacht niet dat je de beste danser wordt, of dat je heel lenig bent. Ik verwacht dat je jezelf laat zien, dat je er durft te zijn in mijn les.’

De les
‘Ik was zelf als kind altijd buiten: spelen en nog meer spelen, heerlijk. Die herinneringen draag ik bij me als ik lesgeef aan kinderen tot ongeveer 9 jaar. Om blessures te voorkomen ben ik wel kritisch op juiste techniek, maar verder zal ik niet oordelen, er zit nog geen goed of slecht bij. Ik leer ze creatief zijn met de pasjes, dansant. Daarom geef ik veel improvisatie opdrachten. De klassieke balletlessen hebben vergeleken bij moderne dans wel een meer technische invalshoek. Maar techniek heeft zoveel lagen: niet alleen hóe doe je een tendu, maar ook: durven spelen met dansmateriaal. Bij de jongeren die al dansen met spitzen werk ik wel heel technisch: “Kom op, die tendu gaat op deze manier! Koppie erbij!”

Sfeer
‘Soms werken we keihard, soms is de sfeer heel speels. Leerlingen zeggen vaak dat ze het gezellig vinden. Ikzelf vind het vooral belangrijk dat de sfeer in de groep veilig is, pas dan kunnen leerlingen zichzelf laten zien. Daarom ben ik zelf open. Er is veel ruimte voor grapjes en we beginnen altijd met een kort kringgesprekje. Bovendien is er geen enkele ruimte voor pestgedrag. Als ik iets merk, benoem ik dat meteen. De kinderen leren met respect naar elkaar kijken. Wat zie je? Wat zijn mooie dingen? Je mag benoemen wat je ziet en je mag gezien worden.’

Geluksmomentjes…
‘Als ik iemand zie bewegen vanuit vrijheid, zonder de restricties van een zelfbeeld – dan zie ik iemand genieten. Dat zijn mijn mooiste momenten.’

Odilia Meekes

‘Jezelf durven laten zien’

Achtergrond
• Odilia is in 1981 afgestudeerd in Amsterdam aan de Nel Roos Academie (later de Nationale Balletacademie), ze volgde daar zowel de dansers- als docentenopleiding.
• Naast haar baan als docent danste ze begin jaren ’80 bij Jazzextension Dance Theatre.
• Sinds 1990 geeft ze danslessen bij Scholen in de Kunst, aan groepen van alle leeftijden binnen peuterdans, klassiek ballet en jazzdance.

Als danseres
‘Als kind van vijf zag ik beelden van De Notenkraker op televisie. Totaal gegrepen, begon ik ter plekke alle danspassen te imiteren. Ik was voorgoed verkocht: ik wist het zeker: later zou ik ballerina worden. Nog steeds is mijn liefde voor dans de basis van al mijn lessen.’

Als docent
‘Volgens mij ben ik een heel enthousiaste docent. Ik werk graag vanuit een persoonlijke betrokkenheid met de leerlingen. Met elkaar binnen een plezierige, fijne sfeer bezig zijn staat voorop. Ik hoop mijn cursisten te laten voelen en ervaren dat ze er op hun eigen, waardevolle manier mogen zijn. Binnen improvisatie-opdrachten bijvoorbeeld, probeer ik de kinderen uit te dagen om iets van zichzelf te durven laten zien, in een veilige sfeer, zonder dat iets gek gevonden wordt. Ik hoop dat er zo meer zelfvertrouwen ontstaat.’

De les
Kinderen klassiek
‘Ik vind het prettig als de lesinhoud een afwisseling is van techniek en vrijer bewegen. Dat betekent dat ik aandacht wil hebben voor zowel de vormen uit de academische klassieke dans, als voor het ontwikkelen van eigen dansbewegingen. Algemene doelen zijn voor mij het vergroten van lichaamsbewustzijn, het soepel en sterk maken van de spieren, balans- en muzikaliteitsontwikkeling. Ook grondoefeningen kunnen deel uitmaken van de les. We improviseren, soms met materialen zoals een sjaal of lint, of naar aanleiding van een verhaal, op verschillende soorten muziek. En altijd - dat vond ik als kind het fijnste – bewegen we vanuit de diagonaal: huppelen, marcheren, de schuif- en walspas, aanloop….. grote sprong – dat je denkt: ik vlieg! Ik houd er ook van als kinderen zelf met ideeën komen, soms heb ik me iets voorgenomen, maar ga ik graag mee met iets heel anders!’

Peuters
‘Bij de peuter-ouderlessen vormen algemene bewegingsvormen en improvisatie de kern. Ik laat de kinderen ontdekken wat je allemaal kunt doen met je lichaam, hoe je het in kunt zetten om iets uit te beelden. Er wordt gedanst en bewogen door de ruimte op muziek en liedjes; denk aan stampen, lopen, springen, rollen en schuiven. Een verhaal uit een prentenboek vormt verder de rode draad van de les. Het is altijd weer enorm leuk om te zien hoe ouders en kinderen gedurende deze les op elkaar anticiperen en reageren.’

Jazzdance voor volwassenen
‘Bij jazzdance bewegen we op afwisselende, merendeels populaire muziek. De les bestaat uit een staande warming-up met stretches en krachtoefeningen om het lichaam warm, soepel en sterk te maken. Soms volgt er een kleine (battement of draai-) combinatie door het midden; vervolgens een aantal grondoefeningen. Aan de danscombinatie (die de ene keer lyrisch, en de andere keer snel en dynamisch kan zijn) werken we vaak 3 keer. Binnen de les probeer ik de cursisten te prikkelen hun dansgevoel in de bewegingen tot uiting te laten komen, kortom: voorbij de vorm te komen.’

Presentatie
‘Een keer in de twee jaar is er een grote dansvoorstelling. We werken dan redelijk lang aan één specifieke dans per groep. En als het moment dan daar is: in kostuum en geschminkt het toneel op, dan is dat een onvergetelijke ervaring!’

Geluksmomenten…
‘Als ik een cursist zie opgaan in zijn of haar bewegingen: dat kan zo ontroerend zijn! Dan denk ik: wat een prachtig vak heb ik toch!’