Altviool

Altviool

De altviool behoort samen met de viool, de cello en de contrabas tot de strijkinstrumenten en is bij uitstek geschikt voor samenspel. 

Lessen
Afhankelijk van fysieke mogelijkheden kun je vanaf 9 jaar beginnen op een altviool. Het komt regelmatig voor dat kinderen eerst beginnen op een viool. Het overstappen van viool naar altviool gaat in overleg met de docent. Het lesgeld voor strijkinstrumenten is hoger dan voor de overige instrumenten i.v.m. de langere lestijd. (Dit geldt niet voor volwassenen).  

Oefenen
Uiteraard hoort dagelijks oefenen bij het leren bespelen van een instrument. Hoeveel oefening er dagelijks nodig is wordt aangegeven door de docent. Voor kinderen is het een goed hulpmiddel een vaste tijd per dag te reserveren. Positieve aandacht van de ouders werkt zeer stimulerend. 

Nog vragen?
Je kunt altijd contact opnemen met ons om te overleggen of een vraag te stellen. 

Leskaart
We bieden voor instrumentale lessen ook een losse leskaart aan van 175 lesminuten. Die minuten zijn vrij inzetbaar, bijvoorbeeld voor langere lessen, of voor 7 lessen van 25 minuten. Dit bespreek je samen met je docent. De leskaart kost: 

€ 175,- voor 6 - 20 jaar

€ 195,- voor 21 - 99 jaar

Helaas is het op dit moment nog niet mogelijk de leskaart online te kopen. Wil je een leskaart, stuur dan een e-mail naar onze cursistenadministratie. Vermeld in de onderwerpregel 'leskaart plus het instrument waarvoor je de leskaart wilt gebruiken'.

Aanbod > Altviool

Docenten voor deze cursus

Stephanie Woudenberg

Jan Schoonenberg

Marguerite de Waal

Stephanie Woudenberg

Jan Schoonenberg

Marguerite de Waal

‘Dat toverachtige, daar gaat het om’

Achtergrond 
• Marguerite studeerde viool aan het Utrechts Conservatorium, bij onder meer Emmy Verhey, Eeva Koskinen en ze nam deel aan de masterclasses van Viktor Liberman.
• Sinds 1987 geeft ze les bij Scholen in de Kunst.
• Marguerite speelt regelmatig in de beroepsorkesten en maakt graag kamermuziek in een duo of trio.

Als docent
‘Liefde voor muziek, plezier in muziek maken, dat wil ik mijn leerlingen bijbrengen. Vioolles is vaak een mijlpaal in de week, een vast gegeven. Op school gaat alles volgens een stramien, met de regels van taal en rekenen. Het is mooi als kinderen daarnaast even in een andere wereld zijn. Muziek is een wereld van gevoel, fantasie en optimisme. Ik streef er dan ook naar dat mijn leerlingen opgewekt de deur uitgaan. Maar ik kan ook streng zijn, zeker als jongeren naar het conservatorium willen.’

De les
‘Als ik zie wat er in een kind zit, wil ik dat er heel graag uithalen. Dan ben ik heel geduldig. Ik zit niet zo vast aan een methode, maar kijk wat een kind aanspreekt. Voorspelen, naspelen, zingen, uitbeelden in muziek, noten lezen. Ik ben zelf opgeleid binnen de Russische vioolschool, ik houd van het zangerige spel en de warme vioolklank. Dat probeer ik over te brengen op mijn leerlingen, in combinatie met de praktische benadering van mijn pedagogiekleraar Qui van Woerdekom. Ik ga uit van het klassieke repertoire, maar als iemand Pirates of the Caribbean wil spelen, prima. Of musicalstukjes, vaak hebben die hele lastige ritmes, die gaan we dan uitzoeken, klappen totdat ze het voelen. Naast de individuele les hebben de strijkers in het eerste jaar ook groepsles ’

Studeren
‘Ik verwacht inzet en hoop dat de les zo inspirerend is dat de viool niet als een hockeystick voor een week in de kast belandt. In de les leer ik hoe mijn leerlingen het studeren aan moeten pakken. Ik begeleid veel op piano, dan klinkt het vaak zo leuk dat ze zin krijgen om thuis te studeren. Boeken met meespeel-cd’s, dat motiveert ook. En het helpt als ouders niet alles aan het kind overlaten, maar actief betrokken zijn, interesse tonen: “laat eens horen, wat heb je geleerd?” Liefst samen oefenen, maar in elk geval helpen herinneren, het is net als tandenpoetsen, gewoon doen.’

Geluksmomentjes…
‘Als we opeens echt muziek maken, buiten het metronomische om, als de timing en klankkleur zo is dat je kippenvel krijgt. Dat toverachtige daar gaat het om. Of als we samen heel erg moeten lachen.’